Bezorgster Anita: 'Laatst kreeg ik een pak koekjes'

 

De wijk mag blij zijn met Anita. Zonder haar geen wijkkrant in de bus. Anita bezorgt de RijnRepoorter in de hele wijk. 3500 adressen. In haar eentje. Daar loopt ze vier ochtenden voor, drie uurtjes lang. Vijf keer per jaar.  “Een hele klus. Het is behoorlijk aanpoten.”

 

 

 

“Er zijn mensen die er echt op zitten te wachten. Die trekken ’m door de bus naar binnen. Of ze wachten me op om te bedanken. ‘Heb ik weer wat te lezen’, zeggen ze dan. Laatst kreeg ik een pakje koekjes, en riep die mevrouw me achterna: ‘Bedáánkt!´” Heel soms heb ik ruzie. ‘Ik wil geen reclame’, krijg je dan te horen. ‘Zie je die ‘Nee-Nee- sticker’ niet?’  Dit is geen reclame, zeg ik dan. Hierin staat alles over jouw wijk!”

Zelf vindt ze het ook leuk om de RijnRepoorter te lezen “tot en met de politieberichten”.  Dat is ook een belangrijke reden waarom ze de krant graag rondbrengt. “Ze is belangrijk voor wie in de wijk woont”.

Precies weet ze het niet meer, maar ze schat dat dik twee jaar geleden de kinderwerker haar vroeg: “Hé, Anita. Is dit misschien iets voor jou?” Anita: “Ik dacht: ja, lijkt me wel wat. Dan ben ik lekker bezig.” In het begin deed ze het nog samen met Arie en Jopie. “Maar die vielen weg.” Sindsdien bezorgt ze alle buurten van het Arnhemse Broek. Regen of bloedheet weer vindt ze minder, maar meestal loopt ze met plezier. “En natuurlijk ook omdat ik zo nu een dan een mooie cadeaubon krijg.”

Voor Rijnwijk stopt ze de kranten in een fietstas. Dat is te ver om te lopen. Voor de rest van de wijk loopt ze met een “niet zo fijn” boodschappenkarretje. “ Laatst liet ik hem onbemand achter  omdat ik ergens een stapeltje kranten in brievenbussen aan het stoppen was. Stonden er allemaal kinderen omheen. Geschreeuw, in paniek. Ik dacht dat ze ‘m misschien wilden jatten. Ik erheen, zeiden ze: “Ja mevrouw, we dachten dat er een bom in zat!’”